In Amsterdam debatteerden prominente Russische oppositiefiguren over een Rusland na Poetin. Andrej Archangelski ziet daarin een noodzakelijke eerste stap, maar ook een ongemakkelijke waarheid: om een meerderheid van de Russen te kunnen overtuigen lijkt de oppositie te kiezen voor compromissen en moreel relativisme.
Het debat bij Dozjd, v.l.n.r: Michail Lobanov, Joelia Navalnaja, presentator Tichon Dzjadko, Sergej Goerijev en Michail Chodorkovski.
In Amsterdam kwamen in een live-uitzending van televisiezender Dozjd leiders van de Russische oppositie bijeen voor een debat onder de noemer ‘Rusland na Poetin: het einde van de oorlog, verkiezingen en hervormingen’. Deelnemers waren Michail Chodorkovski, Joelia Navalnaja, vakbondsactivist en socialist Michail Lobanov en econoom Sergej Goerijev. Waarom was deze bijeenkomst van belang? In vier jaar oorlog is de Russische oppositie er niet eens in geslaagd een gezamenlijk politiek programma op te stellen. Er was alleen de Verklaring van Berlijn uit 2023, waarin steun aan Oekraïne werd uitgesproken. Dit debat kan worden beschouwd als een eerste openbaar actieprogramma van de Russische oppositie. De uitzending is inmiddels door een half miljoen mensen bekeken, ook in Rusland.
Het onderwerp van de discussie, ‘Rusland na Poetin’, roept een voor de hand liggende vraag op: waarom spreken over iets dat vooralsnog hypothetisch is en zich op een onbepaald moment in de toekomst kan voordoen? Toch vinden de leiders van de Russische oppositie dat zij zich nu al moeten voorbereiden op regime change. Het regime van Poetin is van ‘personalistische’ aard: alle beslissingen worden door één persoon genomen. Zo’n systeem staat stevig zolang de dictator successen en kracht uitstraalt. Bij een nederlaag aan het front of een ramp in het achterland, iets wat in 2026 waarschijnlijker is geworden door Oekraïense aanvallen op Russisch grondgebied, wordt het systeem kwetsbaar. Als Poetin van het politieke toneel verdwijnt, ontstaat er dus een venster van mogelijkheden voor de oppositie.
Het doet denken aan een wiskundige opgave. De concrete parameters zijn onbekend, maar de algemene wetten op basis waarvan het model werkt zijn voorhanden. Niemand weet wanneer het regime van Poetin zal vallen, maar één ding staat vast: het ‘venster van mogelijkheden’ voor de oppositie zal kort zijn, drie tot zes maanden. Bij ingrijpende veranderingen zal snel moeten worden gehandeld. Daarvoor moeten vooraf afspraken worden gemaakt over een strategie.
Wie zijn de ‘anti-oorlogs-Russen’?
Toen Stalin werd verteld dat de positie van de paus in oorlogstijd belangrijk is, zou hij hebben gevraagd: ‘Hoeveel divisies heeft hij?’ De eerste belangrijke vraag is dan ook op welke krachten de oppositie in Rusland kan rekenen. Hoe groot is haar werkelijke achterban?
Sinds eind 2025 wijzen veel sociologische onderzoeken, ook binnen Rusland, erop dat tweederde van de Russen, 65 procent, ‘vrede met Oekraïne wil sluiten’. Maar de term ‘anti-oorlogs-Russen’ wekt valse verwachtingen, zegt Michail Chodorkovski. Er zijn volgens hem twee soorten ‘anti-oorlogs-Russen’. Een groot deel van de Russische samenleving, vooral de middenklasse, is ‘oorlogsmoe’, mede door de Oekraïense aanvallen. Voor hen betekent ‘het einde van de oorlog’ echter vrede ‘op Russische voorwaarden’, na het bereiken van de doelen die het Kremlin heeft gesteld.
Een kleinere groep verstaat onder ‘het einde van de oorlog’ een terugkeer van Rusland naar de grenzen van 1991, dus een terugtrekking uit de bezette gebieden. Alleen deze tweede groep kan werkelijk ‘anti-oorlog’ worden genoemd. Zij omvat niet meer dan 15 procent van de Russische bevolking. Dat percentage is sinds de jaren negentig nauwelijks veranderd: een klein deel van de samenleving is uit overtuiging democratisch gezind. Hun aantal is sinds het begin van de oorlog niet toegenomen. En deze mensen zwijgen nu: ze zijn niet bereid voor hun overtuigingen de gevangenis in te gaan.
Welke groepen in Rusland verlangen het meest naar een regimewisseling? Vaak wordt aangenomen dat dit vooral jongeren zijn en inwoners van grote miljoenensteden – Moskou, Sint-Petersburg, Jekaterinenburg en Novosibirsk – waar het aandeel hoogopgeleide en succesvolle mensen groter is. Chodorkovski ontkracht beide mythes met verwijzing naar onderzoeken van het Levada-Centrum: de steun voor het Russische leger onder jongeren van twintig tot 25 jaar bedraagt 59 procent. Voordat de geruchten loskwamen over een mogelijke mobilisatie in het najaar was dat zelfs 62 procent. In hetzelfde onderzoek bedraagt de steun voor de autoriteiten onder inwoners van Moskou bijvoorbeeld 75 procent.
De werkelijke steunpilaar van de oppositie is dus niet meer dan 15 procent van de bevolking. Dat is nog altijd veel, miljoenen mensen, zegt Joelia Navalnaja. Zij wijst erop dat deze mensen ook onder repressie in Moskou blijven protesteren, zoals bij demonstraties ter ondersteuning van Jabloko. Maar met zulke cijfers blijft de oppositie, zelfs wanneer zich een ‘venster van mogelijkheden’ opent, in de minderheid. Daarover zijn alle deelnemers het eens. En daarmee rijst de vraag: wat moet er gebeuren met de rest van de Russische samenleving?
Compromissen en rode lijnen
Misschien wel de belangrijkste stelling van het debat is dat de oppositie hoe dan ook compromissen zal moeten sluiten met de machthebbers en de samenleving in Rusland. Die zullen niet altijd fraai zijn, zeggen zowel Navalnaja als Chodorkovski. Men zal ook met topfunctionarissen van Poetins regering moeten dealen. Tijdens het debat viel bijvoorbeeld de naam van de Russische premier Michail Misjoestin, die sinds 2020 in functie is. Formeel neemt hij bij afwezigheid van de president diens taken waar. Sinds het begin van de oorlog heeft Misjoestin zich nauwelijks nog nadrukkelijk uitgesproken. Volgens Navalnaja moet dat worden opgevat als een teken dat hij bereid is tot compromissen.
Alle Russische topfunctionarissen staan onder persoonlijke westerse sancties. Vanuit het perspectief van het internationaal recht draagt Poetins hele team verantwoordelijkheid voor de oorlog in Oekraïne. Toch pleiten de deelnemers aan het debat voor ‘realisme’: er zal ook met ministers van Poetin moeten worden onderhandeld.
Waar liggen de rode lijnen? Volgens de deelnemers mag niet worden onderhandeld met degenen die zij ‘rechtstreeks verantwoordelijk voor het ontketenen van de oorlog en voor oorlogsmisdaden’ achten, zonder daarbij namen te noemen.
Om in een Rusland na Poetin steun van een meerderheid te krijgen, zal ook moeten worden onderhandeld met mensen die aan de oorlog hebben deelgenomen
Om in een Rusland na Poetin steun van een meerderheid te krijgen, zal ook moeten worden onderhandeld met mensen die aan de oorlog hebben deelgenomen. Ongeveer een miljoen Russen zijn aan het front geweest, benadrukt Chodorkovski. Bovendien is het aantal mensen dat profiteert van de oorlog in vier jaar tijd gegroeid. Denk aan werknemers in het Russische militair-industriële complex, die nu hoge lonen en sociale voorzieningen krijgen. Er wordt inmiddels gegrapt dat Moskou en de regio’s waar de fabrieken staan qua salarisniveau van plaats zijn gewisseld. Ook dit gaat om enkele miljoenen mensen.
Compromissen zijn dus noodzakelijk. Maar hoe kunnen die de stemming doen omslaan in een samenleving die twintig jaar lang is blootgesteld aan Poetins propaganda? De oppositie heeft eigenlijk maar één hoop: na het vertrek van een dictator blijft in regimes als dat van Poetin van de ‘steun van de meerderheid’ de volgende dag vaak niets meer over. Dat bleek zowel in de Sovjet-Unie na Stalins dood in 1953 als bij de ineenstorting van het Sovjetimperium in 1991: niemand kwam het regime verdedigen.
De oppositie doet nog twee voorstellen om de samenleving na Poetin te stabiliseren: een sociaaldemocratisch model in plaats van oligarchisch kapitalisme, en de vervanging van het huidige presidentiële systeem door een parlementair stelsel. De woorden ‘herstelbetalingen aan Oekraïne’ en ‘een tribunaal voor oorlogsmisdadigers’ kwamen uit de mond van econoom Sergej Goerijev, niet van de politici. Chodorkovski zei aan het einde wel: ‘Iedereen zal worden gestraft, ook wijzelf.’ Dat kan worden opgevat als een herinnering aan collectieve verantwoordelijkheid.
‘Geen morele preken’
Tijdens de discussie was duidelijk te zien hoe de vraag naar verantwoordelijkheid voor de agressie verschoof van de Russische samenleving naar de politieke elite. De actieve deelname van linkse activisten versterkte die indruk: zij legden de nadruk op de ‘onrechtvaardige privatisering van grote bezittingen’ in de jaren negentig en beschouwen ook de oligarchen als verantwoordelijk voor de oorlog.
Dit zou het stilzwijgende consensuspunt van de Russische oppositie kunnen worden genoemd: schuldig aan het ontketenen van de oorlog zijn het regime van Poetin en degenen die oorlogsmisdaden hebben gepleegd. Over de rest wordt niet gesproken. Dit nogal cynische signaal is uiteraard bedoeld voor het binnenlandse publiek in Rusland en moet de meerderheid geruststellen: ‘Als u geen oorlogsmisdaden hebt gepleegd, hebt u niets te vrezen.’
Samengevat heeft de Russische oppositie, ook voor Europa, moreel relativisme in de aanbieding als voornaamste instrument voor een machtswisseling in Rusland: laten we de Russen voorlopig niet lastigvallen met de schuldvraag. ‘Geen morele preken.’ Dat zou toekomstige veranderingen alleen maar hinderen. Overigens berustte ook Poetins politiek na 2014 op cynisme, dat hij het Westen als Realpolitik aanbood: laten we onze ogen sluiten voor het internationaal recht en de mensenrechten. Maar hoe verhoudt dit morele relativisme zich tot de dagelijkse verwoesting van Oekraïense steden en het lijden en sterven van Oekraïners?
Over de bezette gebieden zegt Michail Lobanov, onder verwijzing naar gegevens van sociologische centra binnen Rusland, dat de ‘gebieden’ voor Russen in werkelijkheid ‘geen probleem’ zijn. Mensen zijn meer geïnteresseerd in persoonlijke veiligheid en stabiele inkomens.
Natuurlijk zal de Russische meerderheid, die is geïnfecteerd door Poetins propaganda en hardheid, bij een wisseling van de wacht niet zomaar verdwijnen. Met deze mensen zal moeten worden samengewerkt. Maar als de morele beoordeling van de oorlog wordt losgelaten, wat weerhoudt hen dan van nieuwe vormen van agressie?
‘Geen morele preken’ mag geen vrijbrief worden
Discussies als deze hebben ook nut. Het is bijvoorbeeld een goed teken dat Navalnaja en Chodorkovski, twee symbolen van de oppositie, elkaar bondgenoten noemen. Ook de debatvorm is belangrijk: de afgelopen jaren vonden zulke gesprekken vaker plaats in een comfortabele kring van gelijkgestemden, waar het niet gebruikelijk is elkaar tegen te spreken. Dit debat doet bovendien denken aan een sessie bij een psychoanalyticus: je wordt gedwongen te praten over wat misschien onaangenaam is om te horen, bijvoorbeeld verantwoordelijkheid voor de oorlog.
De deelname van politici aan zulke discussies schept het noodzakelijke politieke kader om de massa in beweging te brengen. En ten slotte is het belangrijk dat TV Dozjd in Rusland nog altijd kan worden bekeken en dat mensen gesprekken kunnen beluisteren waarvoor zij in Rusland zelf tegenwoordig in de gevangenis kunnen belanden. De samenleving moet weten dat er een alternatief bestaat voor een eindeloze oorlog.
Het probleem is dat de Russische oppositie vooralsnog niet verder komt dan moreel relativisme als politiek instrument, zelfs als het gaat over een toekomst na Poetin. De oppositie wordt bovendien gegijzeld door juist die ‘meerderheid’ namens wie, en waarop steunend, het regime van Poetin de oorlog tegen Oekraïne heeft ontketend.
10 jaar RAAM: wij hebben uw hulp nodig
In 2026 bestaat RAAM 10 jaar. Het is geen vanzelfsprekendheid dat we blijven voortbestaan. Daarvoor hebben we uw hulp nodig. Met uw giften kunnen wij auteurs een bescheiden honorarium betalen, onderzoek doen en Kennisplatform RAAM overeind houden. Wij zijn een ANBI: uw gift is aftrekbaar van de belasting.


