Open armen worden gebalde vuisten: in Polen verdampt de solidariteit met Oekraïne

Wie in de lente van 2022 door Krakau of Warschau liep, zag een land dat zichzelf overtrof in solidariteit. Honderdduizenden Oekraïense vluchtelingen werden met open armen opgevangen. Vier jaar later is het land regelmatig toneel van geweld tegen Oekraïners. Dénis van Vliet schetst hoe politiek opportunisme, desinformatie en vermoeidheid de Poolse gastvrijheid deden omslaan.

De Oekraïense vlag wappert in Krakau, in het voorjaar van 2022. Lena, die er sinds tweeënhalf jaar woont, kan zich niet herinneren het blauw-geel in de straten van de Poolse stad te hebben gezien. Foto: Gabriela / Unsplash

Het was niet eens de daad zelf die haar schokte. Een gefrustreerde eenling die zijn haat botviert op vluchtelingen, dat is van alle tijden. Maar toch knapte er bij de Oekraïense Lena (32, achternaam bij de redactie bekend) iets toen ze de video zag waarin een Poolse man twee elfjarige meisjes in een bus in Bielsko-Biała, in het zuiden van Polen, uitscheldt, wegjaagt en dreigt dat hij weet waar ze wonen. ‘Wat me het meest raakte, was de stilte in die bus. Twintig, dertig mensen zagen het gebeuren. Niemand zei iets.’

Steeds meer haatmisdrijven tegen Oekraïners

Lena was al ver voor de grootschalige Russische invasie naar Dubai geëmigreerd voor werk. Tweeënhalf jaar geleden verhuisde ze van daaruit naar Krakau, voor de liefde. Sinds een goed jaar ondervindt ze het anti-Oekraïense sentiment in haar nieuwe thuisland zelf aan den lijve: oude vrouwen in de bus die haar vies aankijken, bijvoorbeeld als ze een telefoontje aanneemt in het Oekraïens. ‘Dus zeg ik nu maar niets meer in het Oekraïens, in het openbaar.’

Fysiek geweld is haar tot nu toe bespaard gebleven, maar dat is niet zo vanzelfsprekend meer. In het eerste halfjaar van 2026 kreeg de Poolse politie 180 meldingen van haatmisdrijven tegen Oekraïners binnen, ruim 30 procent meer dan in dezelfde periode een jaar eerder, en dan zijn scheldpartijen en pesterijen nog niet meegerekend. In een recent onderzoek van Krytyka Polityczna in Warschau zeggen 23 van de 25 ondervraagde Oekraïners in Polen daar ooit mee te maken te hebben gehad. Een op de drie zou landgenoten inmiddels afraden om naar Polen te verhuizen.

Wat is er toch gebeurd met het land dat na de grootschalige Russische invasie in Oekraïne nog zo veel lof kreeg voor zijn gastvrijheid aan Oekraïense vluchtelingen?

Journalist
Dénis van Vliet is journalist. Hij volgt de ontwikkelingen in de (voormalige) Sovjet-Unie en Rusland al sinds zijn jeugd.

Vermoeidheid, desinformatie en politiek opportunisme

Przemysław Sadura, hoogleraar politieke sociologie aan de Universiteit van Warschau, die uitgebreid onderzoek deed naar de veranderde houding, noemt in gesprek met de Poolse nieuwssite WP vier oorzaken. Allereerst is er vermoeidheid: een zeker mate van uitputting is normaal voor elke samenleving die in korte tijd zoveel vluchtelingen opneemt, zeker in een land dat zichzelf decennialang als vrijwel homogeen beschouwde. In Polen wonen momenteel ruim 1,5 miljoen Oekraïners, van wie er 980.000 tijdelijke bescherming genieten – de groep die sinds de Russische invasie van 2022 is aangekomen.

Een andere verklaring ligt bij de staat zelf: ambtenaren verbergen hun afkeer niet altijd, met spottende opmerkingen over het Oekraïense accent, en al snel dreigt uitzetting voor vergrijpen waar voor een ander een boete zou volstaan. ‘Symbolische uitzettingen’, noemt Sadura dat.

Verder is de houding in de hele Poolse politiek tegenover Oekraïne veranderd. Sinds Polen de nationalist Karol Nawrocki in 2025 tot president koos, is steun aan het aangevallen buurland niet meer vanzelfsprekend. In zijn campagne betoogde hij nog dat Polen niet zomaar zou moeten instemmen met Oekraïens EU- en NAVO-lidmaatschap.

nawrockionthullingKarol Nawrocki onthulde in mei 2025, twee dagen voordat hij werd gekozen tot president van Polen, een monument voor de slachtoffers van de Wolyń-massamoord. Foto: Karel Nawrocki / Facebook

En ten slotte, de doorslaggevende factor volgens Sadura: desinformatie. Polen was, en is, niet voorbereid op de informatieoorlog waarvan het inzet is geworden, waar valse verhalen over veeleisende Oekraïense vrouwen of Oekraïners die voordringen bij de dokter zich razendsnel verspreiden: een gerichte poging van Rusland om Polen en Oekraïners tegen elkaar op te zetten.

Samen normaliseren die vier factoren, stap voor stap, een discours waarin achterdocht jegens Oekraïners niet langer taboe is en verlagen ze de drempel naar discriminatie, of erger.

Politieke partijen bieden tegen elkaar op

Polen kan weinig tot niets doen aan de dagelijkse lawine Russisch nepnieuws, en juist daarom zouden Poolse politici beter moeten weten, meent Sadura. Maar in plaats daarvan ziet hij een ‘festival van opbod in anti-Oekraïense retoriek’ dat zich niet beperkt tot de uiterst rechtse flank: ‘Ook mainstream politici, óók uit de regeringscoalitie, hebben zich hierin gemengd’, zegt hij tegen WP. De reden is volgens hem simpel: anti-Oekraïense retoriek scoort, en volgend jaar zijn er parlementsverkiezingen. ‘Het Oekraïne-thema wordt een van de felste politieke instrumenten.’

Tot 2023 had de nationalistische partij Konfederacja zo'n beetje het alleenrecht op felle anti-Oekraïense retoriek. Toen boeren en transporteurs dat jaar massaal de grens blokkeerden uit angst voor goedkope Oekraïense concurrentie, vond hun onvrede aanvankelijk alleen een politiek podium bij die partij.

Anti-Oekraïense retoriek scoort, en volgend jaar zijn er parlementsverkiezingen

Het conservatieve PiS, dat toen aan de macht was, stelde vlak voor de verkiezingen zelf nog een graanembargo tegen Oekraïne in – een teken dat ook de gevestigde macht het sentiment onder boeren niet aan Konfederacja alleen wilde overlaten. Het mocht niet baten: de partij verloor zetels bij de verkiezingen en verdween naar de oppositiebankjes. Na acht jaar kreeg Polen weer een regering aangevoerd door de liberaal-centrumlinkse partij KO van Donald Tusk, met een aanvankelijk uitgesproken pro-Oekraïense koers.

Maar vorig jaar was het juist deze coalitie die zelf begon te schuiven. Tussen najaar 2025 en voorjaar 2026 beperkte de Tusk-coalitie stapsgewijs de toegang tot gezondheidszorg en kinderbijslag voor Oekraïense vluchtelingen. Eind mei vernoemde de Oekraïense president Volodymyr Zelensky een legereenheid naar de ‘Helden van de OePA’, het omstreden Opstandelingenleger dat in 1943 in Wolyń tienduizenden Polen vermoordde, in een gebied dat Polen tijdens de oorlog met Sovjet-Rusland van 1919-1921 had veroverd. Daarop waarschuwde KO-parlementslid Robert Kropiwnicki Oekraïne fel: ‘Als Zelensky denkt dat Oekraïne door het conflict met Polen te escaleren de EU zal binnenkomen, kan hij bedrogen uitkomen.’

Konfederacja groeit in de peilingen

Electoraal helpt het KO vooralsnog weinig. Zouden er nu verkiezingen zijn, dan zou de coalitie geen meerderheid meer vormen: de vier regeringspartijen komen in de peilingen uit op zo'n 42 tot 46 procent, tegen 53,7 procent bij de verkiezingen van 2023. Ook PiS staat er slechter voor dan toen.

Spekkoper is juist Konfederacja: de partij staat inmiddels op 11 tot 16 procent, ruim boven de 7,2 procent van 2023. En er is een nog extremere loot bijgekomen: die van Grzegorz Braun, die vorig jaar ook een gooi deed naar het presidentschap en met een woedende menigte de Oekraïense vlag van een gemeentehuis rukte. Samen kunnen Konfederacja en Brauns partij rekenen op 19 tot 29 procent van de stemmen. Grofweg een kwart van het electoraat dat wil dat Polen zich harder opstelt tegenover Oekraïne, en daardoor bewegen in de ogen van Sadura ook de andere partijen mee, inclusief die uit de regering-Tusk.

Vijf recente gevallen van geweld tegen Oekraïners in Polen

Gdynia, 31 juli: Een onbekende man sloeg een 40-jarige Oekraïense vrouw tweemaal met een houten wandelstok tegen haar achterhoofd en vluchtte weg. Ze belandde in het ziekenhuis, maar raakte niet in levensgevaar. De politie onderzoekt het als mishandeling.

Wrocław, 26 juli: Anastasija (20) en Maksym (21) kregen in een winkel ruzie over de wachtrij, waarna drie mannen hen belaagden om haar Oekraïense accent. ‘Ga naar het front’, riepen ze. Maksym werd geslagen en geschopt, Anastazja kreeg klappen en een stroomstootwapen tegen haar lijf. Beiden belandden met een hersenschudding in het ziekenhuis. Twee verdachten, onder wie een veroordeelde bokser, zitten vast, een derde is voortvluchtig.

Legnica, 18 juli: Een 26-jarige Poolse vrouw sloeg twee 13-jarige Oekraïense meisjes op een speelplaats omdat ze zich ergerde aan hun taalgebruik. Ook een jongen die hen verdedigde, kreeg klappen. Camerabeelden bevestigden het incident; de vrouw is aangehouden.

Bielsko-Biała, 11 juli: Een 54-jarige man beledigde en schold drie Oekraïense vrouwen uit in een stadsbus, onder wie twee elfjarige meisjes, en raakte een van hen ook aan. De buschauffeur greep in en zette hem bij de eerstvolgende halte uit de bus. De man, die zelf ook chauffeur is bij hetzelfde vervoersbedrijf en al langere tijd ziek thuis zat, werd aangehouden, bekende, en kreeg een meldplicht en contactverbod opgelegd.

Wrocław, 4 juli: De 19-jarige Volodymyr werd door zo'n tien leeftijdgenoten belaagd terwijl hij met zijn moeder belde in het Oekraïens. Zijn neus brak, hij liep rugletsel op. De daders lachten dat ze ‘een Oekraïner hadden geslagen’. De politie noemde het aanvankelijk als ‘vechtpartij’; niemand is opgepakt.

‘Electoraal niet nodig’

Igor Krawetz, een Oekraïense journalist die al jaren in Polen woont en publiceerde voor WP en optrad bij TVN24, gaat voor een deel mee in de kritiek dat de gevestigde partijen hun oor te veel laten hangen naar de populisten. ‘Ze zijn niet anti-Oekraïens, maar ze spelen wel een dubbelspel met nationalisten en racisten omdat ze doodsbang zijn voor hen’, zegt hij tegenover RAAM. ‘Maar dat is helemaal nergens voor nodig. We hebben hetzelfde percentage nationalisten, racisten en populisten als bijvoorbeeld Nederland: zo'n 15 tot 20 procent, soms 30, maar niet meer. Electoraal je oren daarnaar laten hangen, is dus niet nodig.’

Maar doen alsof haat tegen Oekraïners in Polen iets van de laatste jaren is, zoals Sadura betoogt, gaat er bij hem niet in. ‘Al in 2018 liet onderzoek van de Poolse ombudsman zien dat bijna 20 procent van de Oekraïense immigranten te maken had met door haat gedreven incidenten’, zegt hij. ‘Door de oorlog verdween dat naar de achtergrond; even waren Polen en Oekraïners verenigd in hun afkeer van en angst voor Rusland. Die angst is inmiddels weggeëbd na ruim vier jaar oorlog waarin Rusland maar moeizaam vooruitkomt, en dus zie je hier in Polen ook weer die oude anti-immigratietendensen opduiken.’

Bovendien zijn er volgens hem ook wel degelijk problemen met Oekraïners in Polen: op scholen vechten Oekraïense kinderen conflicten sneller fysiek uit dan Poolse. ‘Maar in plaats van die nieuwkomers te helpen integreren, laat de regering het op zijn beloop: dezelfde fout die regeringen in West-Europa in de jaren zeventig maakten met hun eerste arbeidsmigranten. Politici dachten: die gaan toch wel weer weg. Maar intussen wekten hun gewoonten ergernis bij de oorspronkelijke bevolking.’

Zelensky gooit olie op het vuur

En wat volgens Krawetz ook niet bijdraagt, is het gedrag van de regering-Zelensky zelf. Hij noemt als voorbeeld het conflict rond de Poolse onderscheiding die Zelensky in 2023 kreeg: de Orde van de Witte Adelaar. Nadat Zelensky in mei een legereenheid naar de OePA vernoemde, nam Nawrocki hem die onderscheiding af. Zelensky stuurde de orde terug, niet via een ceremonie, maar gewoon per koerier, via het Oekraïense pakketbedrijf Nova Post. Er verscheen een foto van de medaille, tussen de dozen op een postpunt.

‘Over die beslissing van Nawrocki kun je twisten, maar de manier waarop hun allerbelangrijkste onderscheiding werd geretourneerd, voelde voor de Polen als een klap in het gezicht’, zegt Krawetz. Kort daarna zwol ook de berichtgeving over geweld tegen Oekraïners in Polen aan. Een samenloop, zegt hij, die laat zien dat de wrijving van twee kanten komt.

ordenovaposhtaFoto van het onderscheidingsteken van de Orde van de Witte Adelaar, door Zelensky naar Polen teruggestuurd via een koeriersdienst. Foto: Volodymyr Zelensky / Telegram

Tegengeluid

Toch wil hij het beeld niet te somber maken: niet elke Pool ziet in het gekibbel tussen de twee presidenten aanleiding om een Oekraïner aan te vallen. ‘De afgelopen twee weken waren er meer dan tien demonstraties in Poolse steden tegen haat jegens de Oekraïense minderheid’, zegt Krawetz. ‘Het zijn geen grote aantallen, maar die beweging is er wel.’

Ook Lena uit Krakau merkt dat. ‘Jonge Polen staan over het algemeen een stuk opener en positiever tegenover Oekraïners. Maar de angst dat je hier iets kan overkomen, blijft. Sommige Oekraïners die ik ken zijn daarom teruggegaan naar Oekraïne, of hebben in een ander land onderdak gezocht. Laatst twijfelde mijn moeder of ze wel voor een lang weekend naar mij toe moest komen. Ze was bang dat het hier te onveilig zou zijn. Moet je nagaan, thuis in West-Oekraïne vliegen bijna elke dag de Russische raketten en drones over haar huis.’

Haar moeder kwam uiteindelijk. Maar hardop Oekraïens praten op straat, deden ze veiligheidshalve toch maar niet.

10 jaar RAAM: wij hebben uw hulp nodig

In 2026 bestaat RAAM 10 jaar. Het is geen vanzelfsprekendheid dat we blijven voortbestaan. Daarvoor hebben we uw hulp nodig. Met uw giften kunnen wij auteurs een bescheiden honorarium betalen, onderzoek doen en Kennisplatform RAAM overeind houden. Wij zijn een ANBI: uw gift is aftrekbaar van de belasting.

Publish the Menu module to "offcanvas" position. Here you can publish other modules as well.
Learn More.